The lady sings The Blues


Spotify-afspeellijst


De Blues is overbevolkt met stoer mannelijk gezelschap. Sjofele "ramblers" trokken met de gitaar in de hand door de delta van de Mississippi. Met testosteron beladen muzikanten speelden elektrische "Urban Blues". Frisse jongeheren uit de hogere sociale klasse brachten "British Blues" en langharige bebaarde knapen vertegenwoordigden de supergroepen van de seventies. Vrouwen zijn steevast ondervertegenwoordigd in het bluescircuit.
Toch koesteren we ook genegenheid voor heel wat vrouwen in het vak. In de jaren '20 fixeerden de vrouwen de 12-matenblues die ze vervolgens verspreidden bij een breder publiek. Het eerste bluesnummer op vinyl staat op naam van een vrouw, het is een zwarte non die de premature rock heeft geschapen en ook vandaag nog tonen enkele grote Blues-sterren dat het vrouwelijke geslacht volstrekt niet immuun is voor het Bluesgevoel.

Minstrel- en Medicine-shows

Medicine Show
Terwijl in het prille Deltablues-tijdperk heren als Robert Johnson en Charley Patton zich gedroegen als rocksterren avant la lettre, als reizende straatmuzikanten, nachtbrakers en verleiders van het vrouwelijk schoon, sloten artistieke vrouwen zich bij voorkeur aan bij de "Minstrel shows" of "Medicine shows": rondtrekkende gezelschappen die allerhande middeltjes tegen irritante kwalen aan de man brachten en daarbij klanten lokten met behulp van theater, zang- en dansvoorstellingen ontleend aan de "deep south".
Deze "Medicine shows" hadden een formeler karakter dan het detlablues-circuit. Bij een variant, de "Minstrel show", werd gebruik gemaakt van stereotiepe en racistische grappen waarbij blanken zich tot "blackface" verfden. Veel Minstrel-shows groeiden uit tot grote ondernemingen met tenten, meerdere wagens en sommige hadden zelfs hun eigen treinwagons. De aankomst van een Minstrel-show werd bekend gemaakt door een brassband die het publiek opwarmde terwijl de tenten werden opgetrokken in de stad. De blues die er gebracht werd, gezongen met luide stem of door een megafoon, was niet de rauwe deltablues maar eerder met violen of banjo gladgestreken muziek waaruit de honky tonk-sound ontstond. Tot in 1950 werden nog Minstrel-shows opgevoerd.

The "Roaring Twenties"

Toen na de eerste wereldoorlog in de jaren '20 van vorige eeuw de economie in Amerika opleefde, kregen vrouwelijke vaudeville- en blueszangeressen de kans om op de theaterpodia van de Verenigde Staten hun faam en naam te verspreiden. Bovendien zorgde de opkomst van de vinylplaat en ook de radio als massamedium er voor dat bluesartiesten een breder publiek bereikten.
Het waren de dames uit de jaren '20 die de gestructureerde 12-matenblues, in 1914 neergepend door W.C. Handy, populariseerden. Improvisatie werd toegevoegd aan de melodie en nieuwe stemtechnieken zoals grollen, kreunen en roepen werden geïntroduceerd. De periode van "Classic Female Blues" of "Vaudeville Blues" was aangebroken. Het charisma en de vrijgevochtenheid van de bluesvrouwen inspireerde decennia later ook andere dames om de blues te vertolken.

Koko Taylor (1928 - 2009)

Koko Taylor
Koko Taylor, Queen of Chicago Blues, zet zich met "I'm A Woman" meteen schrap voor een sterke feministische reactie op Muddy Waters' machoistische "Mannish Boy".
Koko Taylor, geboren onder de naam Cora Walton, groeide op als gospelzangeres in Memphis. De bijnaam "Koko" verwierf ze door haar voorliefde voor chocolade. Ze verhuisde naar Chicago en tekende in bij Chess Records waarna ze zich toelegde op de blues. Ze scoorde haar grootste hit in 1964 met "Wang Dang Doodle". In 1975 tekende ze bij Alligator Records waarmee ze een breder publiek bereikte. Met haar no-nonsense, rauwe en rollende stem toont Koko Taylor zich als een onverzetbare blueskoningin - "She could make love to a crocodile!".

Koko Taylor raakte in 1989 betrokken bij een ernstig auto-ongeluk waarbij haar echtgenoot en manager Pops Taylor overleed. In 1990 maakte ze een comeback en verscheen ze op verscheidene folk- en bluesfestivals. Koko Taylor overleed in 2009.

Mamie Smith (1891 - 1946)

Mamie Smith
Een heel belangrijke pioniersrol in de Bluesgeschiedenis was weggelegd voor vaudeville zangeres Mamie Smith. Op aandringen van componist Perry Bradford kon Mamie Smith, begeleid door een blanke jazz-band, immers als eerste Afro-Amerikaane artieste een vinyl-opname maken. "That thing called love" werd opgenomen op 14 februari 1920 bij Okeh Records in New York City. Op 10 augustus 1920 werd haar grootste hit "Crazy Blues" op de markt gebracht, waarvan in minder dan een jaar meer dan een miljoen exemplaren over de toonbank rolden. Mamie Smith was met haar magisch en diep ontroerend stemgeluid een topact en kreeg de terechte titel "America's first lady of the Blues" toegewezen.

Mede dankzij de radio als nieuw massamedium kreeg "The Queen of the Blues" Mamie Smith ook toegang tot het blanke publiek. Bij de platenmaatschappijen groeide de interesse voor "race records", in Mamie Smith's kielzog wisten vele andere vrouwelijke bluesartiesten de muziekmarkt te veroveren. Zo hadden Lucille Hegamin, Ethel Waters, Alberta Hunter, Mary Stafford, Katie Crippen, Edith Wilson en Esther Bigeou nog voor het eind van het gezegende bluesjaar 1921 hun eerste hit te pakken. Er heerste een nationale Bluesgekte waar de platenfirma's gretig op inspeelden.

Marion Harris (1896 - 1944)

Marion Harris
In de jaren '20 werden bluesplaten verkocht als "race records", uitsluitend bestemd voor een zwart publiek. Toch profiteerden ook blanke vrouwen van de bluesgekte. Marion Harris had al enkele jazz-hits op haar naam staan toen ze als eerste blanke zangeres in 1920 een opname maakte van W.C. Handy's "St. Louis Blues", voor Columbia Records omdat haar platenbaas bij Victor Records geweigerd had om zwarte muziek op te nemen. Marion Harris bracht de Blues met zo veel overtuiging dat haar luisteraars dachten dat ze een Afro-Amerikaanse zangeres was.

Sister Rosetta Tharpe (1915 - 1973)

De blues is des duivels. Toch waagde Sister Rosetta Tharpe het reeds in de jaren '30 en '40 om gospelmuziek te dopen in een bad van premature Rock 'n Roll, gebruik makend van venijnig wat oversturing op haar gitaar. Sister Rosetta Tharpe is een ondergewaardeerde legende!

Onder impuls van haar mama leerde ze op vierjarige leeftijd zingen en gitaar spelen. Als dochter van een zingende evangelist ging ze mee op pad door het zuiden van de Verenigde Staten om het woord van God te verspreiden. Ze was lid van de Church of God in Christ, een kerkgemeenschap die vrouwen aanmoedigde om het geloof zingend en te dansend te vieren. Rosetta Tharpe was een ster en werd als jong meisje bovenop de piano geplaatst om haar ding te doen. Zo verwierf ze al gauw de bijnaam "Little Rosetta Nubin, the singing and guitar playing miracle".

Sister Rosetta Tharpe
Rosetta Tharpe werd door haar mama uitgehuwelijkt aan priester Thomas Thorpe, de man die tevens haar manager werd. Tijdens het toeren ontdekte Rosetta echter ook de nachtclubs achter de kerk, tot grote schrik van de kerkgangers onder haar fans, want de Blues en jazz die daar gespeeld werden, behoorden tot de muziek van de duivel. Sister Rosetta Tharpe was echter niet te houden en al gauw vloekte ze in de kerk met nummers als het onbeschaamd uitnodigende "Rock Me" (1938) en het expliciete "I Want A Tall Skinny Papa". Aanvankelijk waren de leden van de kerkgemeenschap heel erg geschokt, de charismatische en populaire zuster wist echter snel haar band met de geloofsgemeenschap te herstellen. Later verklaarde ze dat ze contractueel verplicht was om alle nummers die men haar aanbood zonder meer uit te voeren.
Wat er ook van zij, de controversiële Rosetta Tharpe wist heel wat fans te bekoren. Ze had een eigen toerbus en trok rond met de blanke band The Dixie Hummingbirds, een zeer vreemde combinatie in het gesegregeerde Amerika. Ondanks haar sterrenstatus bleef haar huidskleur parten spelen. Wanneer de leden van The Dixie Hummingbirds bediend werden in een restaurant, werd het Rosetta Tharpe enkel bij uitzondering eens toegestaan om stiekem aan de achterdeur een maaltijd op te pikken.

Nadat 'The Godmother of Rock 'n Roll" over heel de Verenigde Staten faam had verworven, toerde ze in 1964 door Manchester met de "Blues and Gospel Train". Plots werd de Engelse jeugd geconfronteerd met de verschijning van de swingende non op een perron in Noord Engeland. Ze overdonderde haar publiek met een rauwe, krachtige stem en een ronkende Gibson-gitaar die ze "als een man" bespeelde. Sister Rosetta Tharpe werd aanbeden door latere bluesmuzikanten Chuck Berry, Elvis Presley, Bob Dylan en Johnny Cash.

In de liefde had Sister Rosetta Tharpe minder succes. Ze had relaties met zowel mannelijke als vrouwelijke partners, maar weinig hield stand. In 1951 werd munt geslagen uit haar turbulente relationele leven: ze huwde voor de camera's in het honkbalstadium van Washington en gaf haar ja-woord voor het oog van maar liefst 25.000 betalende bezoekers, een initiatief van haar platenlabel waar ze mee had ingestemd. De hele ceremonie werd opgenomen op een langspeelplaat. De man die voor die gelegenheid enkele weken voordien werd uitgekozen, benoemde zich meteen ook tot haar manager. Tot overmaat van ramp, want hij liet haar carrière doodlopen. Rosetta Tharpe overleed in 1973 aan een beroerte.



Etta James (1938 - 2012)

Etta James
Jamesetta Hawkins werd geboren in Los Angeles in 1938 en kreeg al op vijfjarige leeftijd zangtraining. Tijdens die zanglessen werd het meisje echter mishandeld: in een poging de buikademhaling aan te leren sloeg haar leraar het jonge meisje tijdens het zingen hard op de borstkas. Mede hierdoor ontwikkelde Jamesetta al op jonge leeftijd een ongewoon krachtige stem.

Jamesetta trad op onder het anagram "Etta James" en stond ook bekend als "Miss Peaches". In 1960 tekende ze een contract bij Chess Records waar haar grootste hit "At Last" werd uitbracht op het gelijknamige debuutalbum. Toen ze haar vriend Ellington "Fugi" Jordan opzocht in de gevangenis, hoorde zij de basis van het lied "I'd Rather Go Blind". Ze vervolledigde het nummer, maar gaf de auteursrechten aan haar toenmalige partner Billy Foster. "I'd Rater Go Blind" werd uitgebracht als B-kant van de hitsingle "Tell Mama". De ballad groeide uit tot een evergreen die door vele artiesten werd herwerkt en heruitgebracht. Etta James overleed op 73-jarige leeftijd na een turbulent leven.

Bessie Smith (1894 - 1937)

Bessie Smith
Bessie Smith is één van de meest succesvolle bluesartiesten uit de jaren '20. Ze stond gekend als een dame met een sterk karakter, een grote mond, een onverzadigbare drang naar whiskey en een seksuele voorkeur voor mannen én vrouwen. Bessie Smith leidde een bestaan dat zou indruk maken op heel wat rocksterren.

Nadat Ma Rainey haar onder de vleugels had genomen, tekende ze in 1923 een platencontract bij Columbia Records - maar liefst drie platenfirma's hadden haar tot dan toe afgewezen. Met een versie van Alberta Hunter's "Downhearted Blues" werd Bessie Smith op slag beroemd en groeide ze uit tot de best verdienende zwarte bluesartieste uit de Classic Blues-periode.

"Nobody Knows You When You're Down And Out" werd geschreven door Jimmy Cox. Het nummer, dat in de periode van de "Roaring Twenties" waarschuwde voor de vergankelijkheid van materiële zaken, werd in september 1929 populair in de versie van Bessie Smith, "The Empress of the Blues". De hitsingle was profetisch voor de Amerikaanse economie: twee weken vóór het uitbrengen ervan bereikten de beurzen een ongekend hoogtepunt, twee weken na de release stortten de Amerikaanse beurzen in elkaar wat aanleiding gaf tot de Wall Street Crash en het begin van de "Great Depression".

Op 26 september 1937 raakte Bessie Smith betrokken bij een auto-ongeval. Ze werd nog overgebracht naar een ziekenhuis maar overleed kort nadien in het operatiekwartier.

In de jaren '60 raakte Eric Clapton in de ban van de folkmuziek. Met zijn groep Derek & The Dominos bracht hij in 1970 een eigen versie uit van "Nobody Knows You When You're Down And Out". Bessie Smith had ook op heel wat andere artiesten een grote invloed, onder meer op Janis Joplin die als hulde in 1970 haar grafsteen betaalde.

Dinah Washington (1924 - 1963)

Dinah Wassington
Ruth Lee Jones verhuisde op jonge leeftijd van haar geboorteplaats in Alabama naar Chicago waar ze piano speelde in een eigen gospelkoor. in 1943 nam ze onder de artiestennaam Dinah Washington haar eerste hit "Evil Gal Blues" op. In 1959 brak ze door bij het grote publiek met de pop ballad "What A Difference A Day Made", gevolgd door "Unforgettable" en "A Rockin' Good Way (To Mess Around And Fall In Love)". Dina Washington was thuis in verschillende muziekstijlen.

Big Mama Thornton (1926 - 1984)

Big Mama Thornton
Willie May "Big Mama" Thornton grolde in 1952 de eerste opname van "Hound Dog", een ode aan de vrouwelijke macht over een onverbeterlijke gigolo, geschreven door Jerry Leiber en Mike Stoller. Drie jaar later werd het bluesnummer opnieuw uitgebracht door Elvis Presley, een opname waarvan maar liefst tien miljoen exemplaren werden verkocht.

Ook "Ball 'n Chain" uit 1960 werd geschreven door Big Mama Thornton. Haar platenlabel weigerde echter het nummer uit te brengen en behield desondanks de auteursrechten. Hierdoor verloor Big Mama Thornton de royalties toen Janis Joplin haar versie van "Ball 'n Chain" uitbracht, nadat ze het samen met haar groep Big Brother & the Holding Company in 1967 voor een enthousiast publiek live ten berde had gebracht op het Montery Pop Festival. "Ball 'n Chain' is ook te beluisteren op haar album "Cheap Thrills".

Big Mama Thornton toerde in 1965 met het American Folk Festival door Europa. Ze overleed op 57-jarige leeftijd aan de gevolgen van overmatig alcoholgebruik.


Janis Joplin (1943 - 1970)

Janis Joplin
In een tijd waarin racisme hoogtij vierde in Texas, profileerde Janis Joplin zich al op jonge leeftijd door het op te nemen voor de Afro-Amerikanen. De aandacht voor de studieboeken ging echter verloren door de aantrekking van alcohol samen met een leven van "seks, drugs en rock 'n roll". Beïnvloed door Leadbelly, Bessie Smith en Big Mama Thornton smeedde "The Pearl" een samenwerking met Big Brother & the Holding Company waarmee ze in 1967 doorbrak, na een optreden op het Monterey Pop Festival. Met hun album "Cheap Thrills" zette ze een stempel op haar status als blueszangeres. Joplin was ook één van de sensaties op het Woodstock Festival in 1969. Janis Joplin leidde een turbulent leven, waardoor haar bijnaam "Pearl" veranderde in "speedfreak". Ze overleed op 27-jarige leeftijd en verwierf zo, samen met Jimi Hendrix, Robert Johnson, Kurt Cobain en enkele anderen het tragische lidmaatschap van de "Club 27".

Met het nummer "Summertime" toont Janis Joplin haar unieke talent om een jazz-standard - oorspronkelijk een opera-aria van de Amerikaanse componist George Gershwin - te herwerken tot een rauwe, emotionele en pakkende song.


Marianne Faithfull (°1946)

Marianne Faithfull
Ook Marianne Faithfull leidde een heel turbulent leven. Marianne Failthull hield echter stand en bracht in 2018 haar 21e plaat "Negative Culpability" uit, met daarop doorleefde songs waaronder een heruitgave van "As Tears Go By", het nummer waarmee  haar carrière op 17-jarige leeftijd van wal stak.
"As Tears Go By" werd geschreven door Mick Jagger en Keith Richards en uitgebracht in 1964. Marianne Faithfull onderhield toen een relatie met Mick Jagger en raakte verslaafd aan drugs. Twee jaar lang doolde ze door de straten, toch lukte het haar om haar verslaving te overwinnen. De heroïne en een ernstige laryngitis hadden wel haar stem definitief aangetast. In 2006 werd bij Marianne Faithfull de diagnose van borstkanker gesteld. Dankzij een operatie werd ze ook van deze kwaadaardige aandoening verlost.

Rory Block (°1949)

Rory Block
Ruim veertig jaar na hun overlijden brengt Aurora "Rory" Block de legendarische delta-bluesramblers Son House en Robert Johnson terug tot leven met haar versie van "If I Had Possesion Over Judgement Day". Met een frisse zang, een krachtige slide-techniek en een eigentijdse sound, klinkt ze toch heel traditioneel.
Rory Block maakte op 14-jarige leeftijd kennis met gitarist Stefan Grossman die haar introduceerde bij niemand minder dan Reverend Gary Davis, Mississippi John Hurt en Son House alvorens te verhuizen naar California om te spelen in het "coffeehouse-circuit".
Rory Block trok zich terug en stichte een gezin, waarna ze in 1982 een comeback maakte met het album "High Heeled Blues". Ook op heden staat Rory Block nog steeds garant voor delta-blues op hoge hakken, met een indrukwekkende bottleneckgitaar-ode aan Mister Robert Johnson!

Bonnie Raitt (°1949)

Bonnie Raitt
Over "The Thing Called Love" zijn al heel wat noten gevloeid nadat John Hiatt, de auteur van het nummer, ze heeft neergepend. Toch ging Bonnie Raitt bij het filmen van de videoclip niet over één nacht ijs. Om zich helemaal comfortabel te voelen, mocht enkel een getrouwe vriend de rol van de tegenspeler op zich nemen. Bonnie Raitt bloosde doorheen de hele opname, maar het sensuele resultaat was geknipt voor de doorbraak van haar meest succesvolle album "Nick Of Time".

De roodharige lady had op dat ogenblik al heel wat waters doorzwommen. Op haar twaalfde leerde ze gitaar spelen, na de middelbare schooltijd speelde ze Rythm and Blues in nachtclubs. Ze werd in 1970 ontdekt toen ze speelde aan de zijde van haar mentor Mississippi Fred Mc Dowell. In 1983 verbrak Warner Bros Records haar platencontract omwille van alcohol en druggebruik. Maar de Californische blues mama hield stand, en showt vandaag nog steeds met veel levenslust op de planken haar indrukwekkend oeuvre.


Susan Tedeschi (°1970)

Susan Tedeschi
White ladies can sing the blues! En bij Susan Tedeschi zal de bluesvlam niet doven. Als jong meisje luisterde ze naar de platencollectie van haar vader, waartussen ze de bluesgoden Mississippi John Hurt en Lightnin' Hopkins ontdekte. In 1993 vormde ze haar eigen Susan Tedeschi Band en leerde ze ook zelf gitaar spelen. Haar tweede studio album "Just Wont Burn" met het gelijknamige nummer, werd uitgebracht in 1998. Het album oogstte veel succes omwille van de krachtige stem en de emotionele geladenheid waarmee Tedeschi haar nummers brengt.
In 2010 liet Susan Tedeschi haar band samensmelten met de band van haar echtgenoot, Derek Truck Sindsdien toeren beiden samen onder de naam "Tedeschi Truck's Band".

Victoria Spivey (1906 - 1976)

Blues diva Victoria Spivey begon een muzikale carrière op haar twaalfde als zangeres in het theater om op te treden in saloons, goktenten en prostitutiehuizen. Ze werkte onder meer samen met Blind Lemon Jefferson. Spivey, beïnvloed door vaudeville-pionier Mamie Smith, was ook een grote fan van de ruwe stijl van Ida Cox, bij wie ze de inspiratie vond om te zingen over de vaak hardvochtige mannenwereld waarin vrouwen zich moesten handhaven.

In 1926 maakte Victoria Spivey haar eerste opnames voor Okeh Records. Dankzij haar krachtige stem, de meeslepende teksten en haar gedrevenheid groeide ze uit tot één van de meest populaire artiesten van de "Classic Blues" periode. In 1929 speelde Spivey ook mee in de eerste film met enkel zwarte acteurs. 

Tijdens de jaren '30 verloor de vaudeville-bouwstijl aan populariteit. Victoria Spivey resoneerde de intensiteit van de blues die de "Great Depression" met zich mee bracht - een economisch dieptepunt waarin ze zelf als artieste uitzonderlijk wist stand te houden. Victoria Spivey kon zich ook vlot aanpassen aan nieuwe en gerelateerde muziekstijlen en speelde onder meer in jazz-combo's samen met King Oliver en Louis Armstrong. Na een periode van afwezigheid, eind jaren '50, werd ze opnieuw een veelgevraagde artieste tijdens de blues-revival in Amerika en Europa, waar de inhoud van haar songs stevig omarmd werden door de seksuele revolutie.
In "Detroit Moan" kreunt Victoria Spivey over de armoede die de stad Detroit doormaakte tijdens de economische crisis van de jaren '30. 

Ida Cox (1888 of 1994 - 1967)

Ida Cox
In 1924, lang voor Aretha Franklin "Respect" eiste in een wereld gedomineerd door mannen, bracht vaudeville blueszangeres Ida Cox al een sterke feministische boodschap met "Wild Woman Don't Have The Blues".

Ida Cox, "The Uncrowned Queen of the Blues" leerde vroeg haar mannetje te staan in de "White and Clark's Black & Tan Minstrels Show". In de jaren '20 stapte ze over naar het theaterpodium waar ze macabere nummers bracht als "Graveyard Dream Blues" en "Death Letter Blues", uitgebracht samen met haar toenmalige echtgenoot Jesse "Tiny" Crump. Haar overweldigende présence op het podium lag mee aan de basis van haar populariteit. In 1939 werd ze door John Hammond naar New York gehaald om radioprogramma's te maken en platen op te nemen met Hot Lips Page. Op 24 december 1939 beleefde ze een hoogtepunt tijdens het Spirituals-to-Swing-concert.

Met haar sterk vrijgevochten karakter was Ida Cox een voorbeeld voor veel andere vrouwen uit de "Classic Blues Era", waaronder Bessie Smith, Ma Rainey, Sippie Wallace en Victoria Spivey. In 1944 kreeg Ida Cox een beroerte, ze herstelde en bracht tot in 1961 nieuwe albums uit.

Sister Gertrude Morgan (1900 - 1980)

Laat de macht van bovenuit komen. Met de intensiteit van gesyncopeerde Afrikaanse polyritmiek op een tamboerijn brengt Sister Getrude Morgan een krachtige godsdienstige boodschap: "Power".

Getrude Williams werd geboren uit een arme familie in Lafayette, Alabama. In 1938 verliet ze haar echtgenoot om zich definitief te vestigen in New Orleans, een stad die ze omschreef als "het hoofdkwartier van de zonde". Na enkele openbaringen sloot ze zich aan bij een kerkgemeenschap en "Geleid door God" illustreerde ze haar religieus verhaal met fel gekleurde schilderijen en tekeningen, gemaakt op goedkope en gemakkelijk beschikbare materialen zoals papier, houtafval of zelfs toiletrolletjes. Sister Gertrude Morgan was een pionier van de  "Outsider Art".

Samen met twee andere gelovigen trok ze, gehuld in zwarte klederen, de straat op om zingend en dansend het geloof aan de wereld te verkondigen. Vaak schreeuwde ze haar boodschap door een eenvoudige papieren megafoon. Met het geld dat ze op straat inzamelden, stichtte het drietal een weeshuis. Ook verleenden ze geestelijke begeleiding aan gevangenen.

In 1957 ontving Sister Gertrude Morgan een nieuwe openbaring waarin haar verteld werd dat ze de bruid was van Christus. Vanaf die dag veranderde ze haar zwarte kledij in een wit gewaad en verhuisde ze naar een witgeschilderde woning, de "Everlasting Gospel Mission", waar ze een studio inrichtte en gospelmissen organiseerde. Sister Gertrude Morgan overleed in 1980 in haar slaap.

Ma Rainey (1886 - 1939)

Ma Rainey
Gertrude Pridgett, alias "Ma" Rainey, werd in 1886 geboren als dochter van "Minstrel troupers". Tijdens een tentshow in Missouri maakte ze kennis met de Blues. Later werd ze de hoofdact van een Minstrel show met bekendheid tot in het diepe zuiden en zelfs tot in New York. Haar eigen tenshow sloot ze steevast af met een blues over een verloren liefde.

Ma Rainey mag zich terecht de "Mother of the Blues" noemen. Samen met Bessie Smith bracht ze een rauwere, meer wereldse klank in de vaudeville blues, wat bij het publiek heel erg werd geapprecieerd.

C.C. Rider was de zwarte benaming voor een Country Circuit Preacher (C.C.), een rondreizende predikant die het geloof verkondigde in een "preaching circuit", een afgebakend gebied dat meerdere kerken insloot. Omdat de preacher te paard rond trok, kreeg hij ook de bijnaam "saddlebag preacher". De C.C. Rider stond symbool voor entertainer en vrijbuiter tegelijk.
"See See Rider Blues" is een 12-matenblues over een ontrouwe man of "easy rider". Het nummer werd voor het eerst door Gertrude "Ma" Rainey opgenomen in 1924, in een jazzy versie met Louis Armstrong op kornet en Fletcher Henderson op piano. Ma Rainey zong het nummer vermoedelijk ten aanzien van een prostitué, met "Now Your Man Done Come" als reactie op haar ongepast seksueel gedrag.

Zoals het hoort in de blues, voelde vooral een lange rij mannen zich nadien ook bedrogen door een "easy rider". Onder meer Lightnin' Hopkins, Big Bill Broonzy, Mississippi John Hurt, Leadbelly, The Animals, Wee Bea BoozeElvis Presley, Jerry Lee Lewis, Ray Charles, Chuck Berry, The Everly Brothers en Janis Joplin brachten een cover van het nummer. Sonny Til & The Orioles maakten er zelfs een Doo-wop versie van. In 1963 werd de bluesstandard ook uitgebracht door Ella Fitzgerald.

Ma Rainey huwde niemand minder dan William "Pa" Rainey en samen met hem trok ze zingend en dansend door de Verenigde Staten. In 1939 overleed Ma Rainey aan een hartaanval.

Memphis Minnie (1897 - 1973)

Memphis Minnie
"When The Levee Breaks" wordt steevast geassocieerd met supergroep Led Zeppelin. Het waren  echter Memphis Minnie en haar echtgenoot Kansas Joe McCoy die het nummer voor het eerst in 1929 op plaat zetten.

Lizzie Douglas leerde al vroeg banjo en gitaar spelen. In 1910 liep ze weg van huis om op Beale Street in Memphis muziek te spelen onder de naam "Kid Douglas". Af en toe, wanneer de beurs leeg was, keerde ze terug naar haar familie. In één van de jug-bands ontmoette ze haar tweede echtgenoot "Kansas" Joe McCoy. Samen maakten ze de eerste opnames van hun composities. In 1935 ging het koppel uit elkaar.
Memphis Minnie presenteerde zich op het podium als een gepolijste dame, gehuld in dure kleedjes en getooid met juwelen. In werkelijkheid kauwde ze tabak, droeg ze een revolver en liet ze geen enkele vechtpartij aan zich voorbij gaan. Van de jaren '20 tot de jaren '50 stond Memphis Minnie flink haar mannetje in het door testosteron gedomineerde blueswereldje. Memphis Minnie deelde tot halverwege de jaren '50 haar dromen, fantasieën en verlangens in ruim 200 autobiografische nummers.

Alberta Hunter (1895 - 1984)

Alberta Hunter
Alberta Hunter was een populaire blueszangeres in de periode 1920 - 1950. In 1957 overleed haar mama, waarna ze  stopte met optreden en zich toelegde op de roeping van verpleegkundige. In 1970 werd Alberta Hunter door haar werkgever gedwongen om op pensioen te gaan - het ziekenhuis dacht dat ze 70 jaar geworden was, in werkelijkheid was Alberta Hunter op dat ogenblik 82 jaar. Ze legde zich dan maar opnieuw, en met succes, toe op muziek.

Geboren in Memphis, Tennesse kende Alberta Hunter een heel moeilijke jeugd. Haar vader verliet het gezien toen ze nog jong was. Om in het levensonderhoud van de familie te voorzien, moest Alberta Hunter als meid werken in een bordeel. Op 11-jarige leeftijd trok ze naar Chicago in de hoop als zangeres aan de kost te komen. Na een aantal optredens in bordelen wist ze in de Panama Club - een club enkel door blanken bezocht - een enthousiast publiek te bekoren. Alberta Hunter trad op in een kamertje boven de hoofdruimte, maar het publiek bleef niet beneden zitten en trok naar boven om Hunter's blues te aanhoren. Een belangrijke troef was haar gave om ter plekke tekst te improviseren.

Vanaf die dag schilde Alberta Hunter overdag de aardappelen en trad ze 's nachts op in de clubs. Het harde werken loonde: in 1917 toerde Alberta Hunter ze door Europa met optredens in Parijs en Londen. Haar carrière piekte in de jaren '20. In 1922 bracht ze het nummer "Downhearted Blues" op de markt.

Sippie Wallace (1898 - 1986)

Sippie Wallace
Beulah "Sippie" Thomas zong en speelde piano in de kerk van haar vader. Haar prille carrière startte tentshows waar ze de bijnaam "The Texas Nightingale" verwierf. In 1923 tekende Sippie Wallace bij Okeh Records in Chicago, waar ze de bluesstandards "The Country Blues" en "I'm A Mighty Tight Woman" opnam. In 1930 verliet ze de muziekwereld om zich te engageren als kerkorganist en koordirecteur in Detroit.

In 1966 werd Sippie Wallace "herontdekt" en bracht ze twee nieuwe albums op de markt, waarop ze de vrouwen advies geeft met haar meest gekende nummer "Woman Be Wise". In 1970 overleed Sippie Wallace aan een beroerte.

 Marcia Ball (°1949)

Marcia Ball
Geïnspireerd door de New-Orleansstijl en bluesstijl van Fats Domino, James Booker, Professor Longhair en Irma Thomas begon Marcia Ball al op vijfjarige leeftijd met piano-spelen. Getogen in New Orleans versmelt ze op de piano de Texas-blues met zydeco en boogiewoogie accenten.
In 1970 begon ze de countryband Freda and the Firedogs. In 1974 begon de energieke toetseniste Marcia Ball aan een solo-carrière. De eerste gitaarsolo op het nummer "Soulful Dress" werd ingespeeld door niemand minder dan Stevie Ray Vaughan.

Ana Popovic (°1976)

Ana Popovic
De dubbelbloedige Servisch-Amerikaanse bluesmuzikante Ana Popovic doet vele harten smelten. Geboren in in 1976 in Belgrado, hoofdstad van het voormalige Joegoslavië, nam ze op haar vijftiende de gitaar ter hand en vormde ze de funky bluesband Hush. In 1998 was de groep een veelgevraagde act op festivals in Oost-Europa. Toen ze naar Amsterdam verhuisde om jazz te studeren, kwam er een einde aan de succesvolle band. Amper een jaar later onderbrak Popovic haar studies, ondertekende ze een platenconctract en ging ze solo optreden. In 2012 verscheen haar debuutalbum "Hush".

Ana Popovic werd in 2003 uitgenodigd door Salomon Burke om mee te spelen in zijn set op het Belgian Rythm And Blues Festival te Peer, waarna ze hem tijdens de rest van de toer als gaste mocht vergezellen. In 2012 verhuisde Ana Popovic naar de Verenigde Staten waar ze verder bouwt aan een eclectische muziekstijl.

In het melancholische "Johnnie Ray" beschrijft ze emotioneel de gemiste kans, want J.R. heeft nu "a wife and child; now I’m back but just too late".

Shemekia Copeland (°1979)

Shemekia Copeland
Shemekia Kreeg de Blues van haar vader, Johnny Copeland, met de paplepel ingegeven. Als tiener ging ze mee op toernee, toen het bergaf ging met de gezondheid van haar vader liet hij Shemekia spelen als opening act. Ze verwierf al snel faam en als negentienjarige had ze een eerste album op haar eigen naam: "Turn The Heat Up". De titeltrack werd door de W.C. Handy Blues Award geprezen als beste bluesnummer van het jaar, waarna het Shemekia Copeland voor de wind ging. De dochter van de Texaanse bluesheld zet de traditie van Koko Taylor en Etta James verder en brengt soulvolle nummers gezongen met een mature, krachtige en dynamische stem.

Samantha Fish (°1989)

Samantha Fish
Wie delft in de hedendaagse bluesmuziek, ontmoet weldra de Amerikaanse blueszangeres Samantha Fish. Als kind leerde ze drummen, op vijftienjarige leeftijd wisselde ze haar instrument voor de gitaar. Nadat ze in 2009 haar eigen album "Live Bait" had geproducet, trok ze de aandacht van talentenscouts - onder meer Mike Zito - en kreeg de verlegen tiener, samen met bluesartiestes Cassie Taylor en Dani Wilde, de kans om mee te werken aan het album "Girls With Guitars". En na een decade op de baan is het compliment "Pretty good for a girl" een zwaar understatement!
Shemekia Copeland verhoogde de huiskamertemperatuur met enkele graden, Samantha Fish zorgt voor ingetogen akoestische intimiteit met het pakkende "Let's Have Some Fun".

Fatoumata Diawara (°1982)

Fatoumata Diawara
Actrice en zangeres Fatoumata Diawara is de dochter van Malinese ouders, geboren in Ivoorkust. Van haar vader leerde ze dansen en gitaar spelen, later migreerde ze naar Frankrijk. In 1997 werd ze ontdekt door cineast Cheick Oumar Sissoko die haar aannam voor de vrouwelijke hoofdrol in de film "La Genèse", waarna ze ook nog in andere speelfilms een rol vertolkte. In 2002 ontvluchtte Fatoumata een gedwongen huwelijk en sloot ze zich gedurende zes jaar aan bij de straattheatergroep Royal de Luxe.

In 2007 kreeg de goedlachse Fatoumata Diawara het aanbod om als achtergrondzangeres mee te werken aan de opnames van het album "Red Earth: A Malian Journey". Ook Oumou Sangaré vroeg haar om mee te werken aan het album Seya, waarna Diawara besloot om verder te gaan in de muziek. Met haar album "Fatou" werd ze in 2011 in één klap een wereldster. De laatste jaren reisde ze de wereld rond met muziek waarin ze de tradities van de Wasssoulou-volkeren uit het zuiden van Mali mengt met Afrikaanse blues en internationale klanken.

Oumou Sangare (°1968) 

Oumou Sangare
Oumou Sangare is afstammelinge van een oude griotfamilie uit de regio Wassoulou in het zuiden van Mali. In 1989 nodigde Oumou een groep muzikanten uit in Ivoorkust om haar debuucassette Moussolou ("vrouwen") op te nemen. In enkele maanden tijd werden van deze opname maar liefst 200.000 exemplaren verkocht. Een nieuwe Malinese superster was geboren die al spoedig ook internationaal erkend werd.

Oumou de "zangvogel van Wassoulou" creëert eigenzinnige Afrikaanse muziek en vult haar betoverende stemgeluid aan met zorgvuldig geselecteerde achtergrondzangeressen die vaak op hun beurt een muzikale solo-carrière starten.
Oumou's vader liet het gezin in de steek toen hij een tweede vrouw aannam, waardoor ze genoodzaakt was om op jonge leeftijd op straat te zingen om het gezin te ondersteunen. Vandaag is Oumou Sangare een felle tegenstander van polygamie en wordt ze geloofd om haar strijd voor de rechten van de Afrikaanse vrouw. Ook in haar liedjes zingt ze over sociaal bewogen thema's als ongelijkheid, vrouwenbesnijdenis en polygamie.

Bb Bm B

Spotify-afspeellijst

Reacties

Populaire posts van deze blog

Swing Low Sweet Chariot

Worksongs

De Blues doorheen de geschiedenis - The Golden Sixties